Wie schuilen er achter de portretten van CANDID? Niet iedereen zit erop te wachten om ineens omcirkeld te worden door de ‘CANDID fotografen’, maar Antoon Duynstee (1943) liet het rustig over zich heenkomen. En de Oekraïense Ga Avakian hoopte zelfs dat hij op een van Sandra’s foto’s zou staan. Lees de interviews en ontdek de verhalen van de mensen achter de portretten.

Deel 1: De man met de pijp

Een markante man keurig gekleed in pak met pijp in de mond en camera om zijn nek trok de aandacht van Mirjam Rosa en Merel Schoneveld tijdens het zomerse Sail in Scheveningen in juni 2019. De twee fotografen renden erop af, met de conservator erachteraan want zij volgde hun werkproces die dag.

Niet iedereen zit erop te wachten om ineens omcirkeld te worden door twee camera’s en drie vrouwen, maar Antoon Duynstee (1943) liet het rustig over zich heenkomen. Toen hij hoorde dat dit voor het project CANDID van Panorama Mesdag was, riep hij uit: “Oh, dan is het wel leuk als ik in de tentoonstelling kom te hangen…” Dat konden we toen nog niet beloven, want er zouden nog veel foto’s en selectiesessies volgen. Maar – toeval of niet – het portret dat Mirjam Rosa van hem maakte bleef bij iedere sessie bovenop de stapel liggen.

Er valt zoveel te ontdekken

Precies een jaar later bezoekt Antoon CANDID, wederom in zijn keurige pak op een zomerse dag: “Als je naar buiten gaat, kleed je je netjes, of het nu warm of koud is.” Samen met Mirjam wandelt hij door de tentoonstelling. Hij is getroffen door het contrast met vroeger. “Ik heb nog een foto van mijn vader in een strandstoel rond 1938, waarin hij gekleed is in kostuum. Ik heb hem nooit anders dan in kostuum gezien.” Terwijl hij druk aan het vertellen is en geboeid door de verschillende foto’s, loopt hij in eerste instantie zijn eigen foto straal voorbij. “Oh daar ben ik, in mijn oranje colbert, wat leuk.”

Lees meer

“Ik kan me de dag dat jullie me ‘lastigvielen’ nog goed herinneren, ik was zo verrast, want ik vind mezelf niet fotogeniek. En zo leuk dat we contact hebben gehouden!” Mirjam beaamt dat. “Ik was vooral ontroerd door jouw persoonlijke verhaal, en ik realiseerde me later dat ik je al eerder ontmoet had, op het Lange Voorhout met mijn kind van vier maanden in de draagzak, dat was net de periode dat ik begon met fotograferen. We raakten in gesprek over kinderen, en je vertelde mij dat je je zoon had verloren.” Antoon knikt. “Rogier, pas tien jaar oud, overleed bij een ongeluk, het was in 1985. Een enorme klap die mijn leven volledig veranderde. Ik was getrouwd, werkte als assuradeur en we woonden in een mooi huis, maar door het verdriet verloor ik alles. Achteraf kan ik zeggen dat zoveel pijn ook mooie dingen kan brengen, want na mijn scheiding vertrok ik naar de Verenigde Staten waar ik een wereldbaan kreeg. Ik reisde veel, ontmoette bijzondere mensen. Er valt zoveel te ontdekken. Nu ik weer in Nederland woon, ontdek ik mijn eigen wortels. Ook zoek ik de bijzondere plekken uit de Tweede Wereldoorlog op waar ik nu veel over lees. En ik houd een YouTubekanaal en Facebookpagina bij. Ik blijf niet binnen zitten, dan sterf ik nog liever.” Hoe belangrijk die ontmoeting ruim twee jaar geleden was voor Mirjam realiseerde ze zich eigenlijk pas door de foto die ze van Antoon tijdens Sail 2019 had gemaakt. “Het raakt mij hoe zijn leven door zo’n heftige gebeurtenis is veranderd, en ik bewonder hoe hij in het leven staat, daar leer ik van. Mijn leven is het afgelopen jaar ook ontzettend veranderd, ik ben gescheiden, nu een alleenstaande moeder, en heb mijn huis verkocht, maar ik ben ook gegroeid als fotograaf. Het gaat eigenlijk heel goed met mij.”

Familiefoto van Antoon Duynstee, omstreeks 1938. Zijn vader zit hier vooraan in pak in een strandstoel.

Deel 2: uit de serie “I am the sea”

Na een reis kriskras door Europa wilde de Oekraïense Ga Avakian zo snel mogelijk naar de zee in Scheveningen. Het was een overweldigende ervaring die hij dolgraag op de foto wilde vastleggen, maar hij reisde alleen, dus wie kon dat doen? Fotograaf Sandra Uittenbogaart zag dit intieme moment van Ga van een afstand en kwam met hem in contact. Wat volgde is een bijzonder gesprek over identiteit, verschillende culturen en de kracht van de zee.

“Het licht was perfect om te fotograferen, een zonnige ochtend in december, ik zag overal patronen ontstaan, in het water, het zand, de lucht. Ik zag jou van een afstand, je was zo anders. Natuurlijk door je zwarte glimmende pak dat zo mooi afstak tegen het heldere blauw, maar vooral door hoe jij in verbinding stond met de omgeving, dat was heel intiem, alsof je in dialoog was met de zee. Ik wilde dat dolgraag vastleggen voor mijn serie van zeestaarders, maar ik wilde je de ruimte geven,” vertelt Sandra Uittenbogaart aan Ga Avakian, een 21-jarige student International Relations en Duits uit de Oekraïne, via skype.

Bijzondere reis

Ga: “En terwijl ik daar stond, dacht ik, damn, niemand die dit moment nu kan vastleggen. Ik herinner me nog de geur, de leegte, alles was kristalhelder, nergens vuil te bekennen. Ik voelde me op dat moment gelukkig, verdrietig, overrompeld, angstig – alles tegelijkertijd. Ik wilde zo graag een tastbaar bewijs van deze herinnering.”

Ga Avakian reist vaak low budget in zijn eentje rond, ditmaal twee weken lang kriskras door Europa. Geboren in de Oekraïne als zoon van twee Armeense ouders worstelt hij met mijn identiteit. “Ben ik Armeens? Oekraïens? Europees? Midden-Oosters? Ik voel me overal een buitenstaander. In de Oekraïne vanwege mijn uiterlijk, en in Armenië vanwege mijn mindset.”

Lees meer

In december reisde hij via Cyprus, Servië en Berlijn naar Nederland. Het zou zijn eerste bezoek worden. “Ik wilde niets liever dan naar de zee, naar Scheveningen. Maar wat was ik gestrest die dag. In alle vroegte vertrok ik uit Berlijn, kreeg een boete in de metro vanwege een verkeerd ticket, miste bijna mijn vliegtuig, en ik had me speciaal uitgedost in een zwartleren outfit met dr. Martensschoenen. Totaal niet geschikt om mee te reizen, mijn pak was te strak en mijn schoenen knelden …” Vanaf Schiphol besloot hij te liften naar Den Haag. “Maar ja, wie neemt mij mee? Man met zwarte baard, zwarte outfit, één rugtas. Iedereen denkt gelijk dat daar een bom in zit…” Toch kreeg hij een lift en werd midden in Den Haag afgezet: “Ik vond het choquerend, de eerste aanblik, de architectuur, de mensen, alles is zó georganiseerd en zó schoon en zó rustig. Een groot contrast met waar ik vandaan kom.”

In de tram naar Scheveningen wilde hij zeker weten dat hij het juiste ticket had, dus liep hij naar een tramcontroleur. “Ze zei tegen me ‘je mag me alles vragen, als het maar niets met mijn werk te maken heeft’. Dat overrompelde mij, want in Oost-Europa ben ik gewend dat mensen in functie bijna robots zijn. En hier staat zo’n ‘robot’ mens te zijn, maar vooral ook, een die mij als mens ziet. Het was een leuk gesprek.”

En terwijl hij in Scheveningen richting het water liep op schoenen die steeds meer knelden, werd hij overspoeld door een gevoel van vrijheid. “En die kalmte hier, dat mis ik in mijn eigen land. Het doet me een beetje denken aan de film The Matrix, alles is gepland, alles is met elkaar verbonden, maar ik maak hier geen deel van uit, ik ben enkel een passant. Daarom had ik zoveel van die tegenstrijdige emoties. En mijn broek zat zo strak…”

Toen hij Sandra zag fotografen, hoopte hij op een van haar foto’s te staan. “Maar ja, ik sta daar in mijn zwarte pak, misschien denkt ze wel dat ik terrorist ben.”
“En toch kwam je op me afgelopen”, herinnerde Sandra. “Het eerste wat je vroeg: ‘Did you take a picture of me?’. Ik was even bang dat je boos was.”
“Ik weet nog wat je antwoordde: ‘nee hoor, ik fotografeer het landschap.’ Dus ik was teleurgesteld.”

Sandra: “Gelukkig konden we de foto alsnog maken en kon ik hem vastleggen precies zoals ik hem daarvoor had gezien: zich verliezend in die eindeloze horizon. Exact wat ik voor ogen had met mijn serie “I am the sea”. Dat daar zo’n bijzondere reis aan vooraf was gegaan, had ik niet kunnen vermoeden.”

Deel 3: Vrouw in rode jurk

Fier en elegant, “bijna dwarrelend” volgens Mirjam, loopt Tessa op de Pier. Het waait stevig rond het middaguur op 2 augustus 2019 – het is rustig in Scheveningen. De wapperende rode jurk trekt Mirjams aandacht, met haar camera rent ze erachteraan, het lange stuk over de Pier. Zodra Tessa tegen de reling leunt, valt Mirjam op de grond om het beeld voor ogen met haar camera te vangen.

“Ik was eigenlijk alle schaamte voorbij, best gênant nu ik erover nadenk, maar ik voelde me volstromen met inspiratie op dat moment.” Voor het project CANDID was Mirjam langere tijd zoekende naar haar stijl binnen het collectief. Haar idee was om portretten te maken van echte Scheveningers. Die ochtend had ze een fotoshoot. “Het voelde niet goed, ik was behoorlijk teleurgesteld. Het moment dat ik Tessa zag, voelde als een omslagpunt. Ik liet mijn portrettenserie volledig varen. Ik wilde mensen vastleggen zoals ze werkelijk zijn, niet zoals ze zich gedragen voor een camera.”

Tessa (69 jaar) had niet gemerkt dat er een fotograaf achter haar aan rende. Zij was met haar eigen camera bezig. Vaak komt ze naar Scheveningen om de zee te fotograferen, puur voor haarzelf. Op het moment dat Mirjam half gehurkt en half uitgestrekt op de grond ligt, draait Tessa zich om, op haar hoede; ze is gewend aan mensen die haar fotograferen of nakijken, maar meestal vanuit een voyeuristisch oogpunt.

Wie kan vermoeden...

“Toen ik Mirjam zag, kreeg ik gelijk een goed gevoel. Ze was zo ontwapenend. Ik voelde me heel trots dat ik werd gefotografeerd.” Mirjam: “Voor mij was Tessa juist ontwapenend, ik zag haar glunderen.” Mirjam fotografeerde haar vanuit een laag standpunt, waardoor het beeld heel krachtig oogt. Het geeft een vervreemdend perspectief, waardoor het rad in de lucht lijkt om te vallen. “Ik kreeg wel het advies ‘zou je niet het rad rechter zetten?’. Omdat ik nog zo onzeker was over mijn stijl, overwoog ik dat ook. Maar uiteindelijk heb ik er niets aan veranderd. Ik omarm mijn manier van fotograferen nu.” Mirjam wil als fotograaf mensen vastleggen, zij zoekt niet het juiste lijnenspel of een harmonieuze compositie. Deze foto van Tessa is precies juist gevangen, zij trekt de aandacht en maakt nieuwsgierig, wie is zij? En wie kan vermoeden dat achter deze krachtige foto, het summum van vrouwelijkheid, een vrouw schuilt wier vrouw-zijn nooit vanzelfsprekend is geweest?

Lees meer

Op 29 juli 2020 ontmoeten Tessa en Mirjam elkaar in het museum, en wederom is Tessa prachtig in het rood gekleed, ditmaal met een witte rok. In alle rust vertelt ze over zichzelf, houdt af en toe een pauze waarin ze ons met open blik aankijkt. Haar woorden komen binnen. “Ik heb heel lang rondgelopen met het gevoel vrouw te zijn, maar het was lastig om dat te uiten. Toen mijn moeder mij op zesjarige leeftijd betrapte in meisjeskleren, schrok ze. Dit paste niet in haar beeld van wie ik zijn moest, ik was niet normaal. Ik neem haar dat niet kwalijk, zij is ook maar een product van haar opvoeding en milieu. Ik deed mijn best ‘normaal’ te zijn, ik heb een gezin gesticht en wie ik was heb ik al die tijd verborgen.

Niemand zit te wachten op zo’n grote verandering en ik kan niet iets bouwen op pijn van anderen. Twee jaar geleden overleed mijn moeder, toen durfde ik als vrouw naar buiten te gaan. Ik heb nu geleerd om naar mijn gevoel te luisteren, en niet naar het gevoel dat je denkt dat je hoort te voelen.” Het is precies dit gevoel dat Tessa uitstraalt, nu in het museum en toen op de Pier. Het was de rode jurk die Mirjams aandacht trok, maar het was de vrouw die het droeg die haar liet rennen. “Ik vond je zo mooi, ik moest je wel fotograferen!”

Tessa Müller gefotografeerd door Claudia Merkus