De fotografen delen hun ervaring

Drie lockdowns, van een intelligente tot een keiharde, geen feestelijke opening, geen publieksactiviteiten, en niet meer incognito door de zalen kunnen lopen om de reacties van de bezoekers te peilen. De fotografen van CANDID hebben voortdurend hun verwachtingen moeten bijstellen.

Toch klagen de fotografen niet: de tentoonstelling, die in juni alsnog open mocht, kon verlengd worden tot eind februari. En ook al zijn de musea nu weer enige tijd dicht, CANDID is niettemin zes maanden te zien geweest.

“Naast het feit dat het allemaal heel anders is gelopen vanwege corona, ben ik toch heel blij met wat wij hebben neergezet en hoe mooi de tentoonstelling is ingericht. Allemaal dankzij een mooie samenwerking,” aldus Merel Schoneveld.

En hoewel er maar een handjevol mensen in de zalen aanwezig kon zijn, bracht deze tijd ook iets bijzonders: bezoekers kregen een exclusieve ervaring om de foto’s en films in alle rust te bekijken.

“Achteraf gezien”, zegt Sandra Uittenbogaart, “had ik graag vaker ernaartoe willen gaan in de maanden dat het museum open was, alleen maar om even luistervink te spelen, horen hoe onbekenden op onze foto’s reageerden.

Er was door alle coronabeperkingen geen gastenboek, en die feedback miste ik wel! Zeker bij onze vorm van fotografie die niet geheel onomstreden is.”

Ook Giedo van der Zwan was graag vaker langsgegaan: “Ik hou van het fotograferen van andere mensen die onze foto’s bekijken. Een soort candid-fotografie van onze eigen tentoonstelling. Erg jammer dat ik dat niet meer heb kunnen doen.”

Mirjam Rosa: “Zelfs mijn vrienden hebben niet allemaal de tentoonstelling kunnen zien. Dat is wel heel erg jammer!”

Giedo van der Zwan

CANDID een ode aan de mens in vrijheid

De fotografen van CANDID leggen mensen aan het strand nietsvermoedend en onbevangen vast, zonder enscenering en zonder oordeel. Door hun lens gezien worden gewone mensen in alledaagse situaties bijzonder.

We zien de rijkdom van een diverse samenleving. Juist wanneer de mens zich niet laat belemmeren door een schoonheidsideaal of sociaal gewenst gedrag zien we de schoonheid. Welbeschouwd zijn de foto’s van CANDID een ode aan de mens in vrijheid – iets dat in tijden van corona extra waarde heeft gekregen.

Voor Giedo is de tentoonstelling daarom een mooie stap in de ontwikkeling van de straatfotografie: “Ik krijg steeds meer de indruk dat straatfotografie een kunstrichting is die de status van een door het publiek onbegrepen ‘niche’ ontgroeit en die steeds meer vaste voeten in de aarde krijgt. Ik wil op mijn eigen manier een bijdrage leveren aan die ontwikkeling. Al is het maar om die negatieve sfeer rond ‘privacy’ weg te halen.

Ik wil mensen laten zien dat wij straatfotografen bezig zijn met het maken van kunst: mooie beelden van alledaagse taferelen. Mensen zullen er trots op zijn dat ze daar zomaar in kunnen voorkomen!” En deze trots blijkt ook wel uit de interviews die we met sommigen van de geportretteerden hebben gehouden.

Een tentoonstelling is zoveel meer...

Aan die stuk of zeventig foto’s in de tentoonstelling die zes maanden te zien zijn geweest, ging een lang traject vooraf.

Voor Mirjam Rosa was dit een intens proces: “Toen Panorama Mesdag ons deze opdracht gaf werd ik toch wel zenuwachtig. Ik zag mijn werk nog niet als museumwaardig. Dat zorgde ervoor dat ik regelmatig twijfelde of ik niet beter mijn plek aan een andere fotograaf kon geven. Tot het moment dat ik op gevoel ging fotograferen. En me niet meer liet sturen door advies van anderen. Hierdoor vond ik mijn eigen stijl die dicht bij me stond.

Laura Prins, onze conservator, heeft hier een belangrijke rol in gehad. Mede door haar aanmoediging kon ik vasthouden aan mijn eigen insteek.” “Voor mij was de voorbereiding net zo speciaal als de uiteindelijke tentoonstelling zelf,” zegt Sandra.

“Ik vond het erg leuk om er met elkaar naartoe te werken, ook al kostte het zeeën van tijd, vooral voor mij, omdat ik de rol van coördinator op me had genomen namens ons vieren (en kunstenaars zijn niet altijd zo makkelijk om mee samen te werken hoor, haha!, zeker niet als het om deadlines gaat).

Maar uit honderden foto’s verspreid over een grote tafel met elkaar de beste uitzoeken, series maken, kijken wat mooi bij elkaar past, samen naar het fotolab voor proefprints, ja, daar heb ik erg van genoten. Hoe ongelooflijk veel er allemaal moet gebeuren voordat een tentoonstelling opent, van sponsors zoeken tot en met honderden kleurstaaltjes vergelijken tot je een goede kleur verf hebt gevonden voor op de wand (en wat een kleuren hadden wij!).

Ook de samenwerking met Laura, de curator van onze tentoonstelling, was iets om dankbaar voor te zijn. We hebben ons alle vier trouwens regelmatig verwonderd over wat zij allemaal in haar takenpakket had, en hoe zij haar hand niet omdraaide voor al die artistieke, logistieke en technische zaken die op haar bordje lagen.” “Het was een uiterst complex geheel waar Laura professioneel leiding aan gaf,” vult Giedo aan.

“We stonden open voor elkaars visie en opbouwende kritiek als dat nodig was. Ik ben zelf altijd best snel in wat ik denk dat de beste selectie is, maar telkens weer – tijdens een van onze vele gezamenlijke meetings – kwamen er weer nieuwe inzichten en kwam ik ook tot andere keuzes.

Een tentoonstelling is zoveel meer dan gewoon de selectie van je beste werk bij elkaar.” Ook voor Merel was de samenwerking een meerwaarde: “Ieder van ons heeft op zijn eigen manier eraan bijgedragen, zo werd snel duidelijk waar ieders kracht lag. Zo hielpen wij elkaar ook regelmatig. Ik ben bijvoorbeeld heel slecht in deadlines en praktische zaken die geregeld moeten worden, daarin was Sandra vaak mijn reddende engel. Er was ook altijd ruimte voor discussies en meningsverschillen waar we op een goede manier samen uitkwamen.”

Eén moment door vier verschillende ogen gezien

Naast de verschillende brainstorms en selectiedagen zijn de fotografen ook samen op stap geweest. “Het gezamenlijk fotograferen vond ik geweldig”, zegt Mirjam, “doordat we zo intensief aan het project werkten leerde je elkaar ook goed kennen.

Ik smulde ervan om de anderen aan het werk te zien. Het gaf mij echt een boost! Sandra die maar rekening hield met iedereen en altijd op ons wachtte. Merel die uren op een plek kon blijven om zo het perfecte beeld te maken. Giedo die met zijn onbevangenheid overal op af stormde. Wat heb ik vaak moeten lachen!

Ook het opnemen van de audiotour in de studio is iets wat ik nooit zal vergeten. Bij ons alle vijf was de spanning zo goed merkbaar. Alleen uitte het zich bij iedereen weer anders. We zijn met zijn vijven echt een team geworden en altijd met respect en begrip met elkaar omgegaan. Daar kijk ik echt met bewondering op terug!”

“Ik denk, achteraf gezien,” zegt Sandra, “dat we nog vaker met elkaar op stap hadden moeten gaan. We fotograferen gewoon nog beter als we samen zijn! En we hadden meer series kunnen maken van één moment door vier verschillende ogen gezien.”

Giedo is het daarmee eens: “je ziet dat juist die dagen dat we samen gingen fotograferen het aantal succesvolle foto’s beduidend hoger lag. Bovendien bleek het voor de tentoonstelling heel interessant om onze verschillende visies bij dezelfde scenes te kunnen tonen. Het fotograferen bij Sail, toen ook Laura erbij was, was zo’n dag dat we allemaal tot goed werk kwamen. Toch wel gek eigenlijk omdat je zou zeggen dat je als fotograaf wordt afgeleid door elkaar. Maar in de praktijk bleek dat we als groep meer durfden en elkaar op ideeën brachten: een uiterst productieve en inspirerende mix!”

Sandra Uittenbogaart

Het avontuur houdt niet op

Nu alles erop wijst dat CANDID zijn deuren niet meer voor het publiek mag openen, wil dit niet zeggen dat het avontuur voor de fotografen ophoudt.

“Het was voor mij toch ook wel een doorbraak waarmee ik mezelf in Den Haag op de kaart heb gezet als fotograaf”, zegt Sandra. “Dit heeft mede geleid tot een mooie opdracht van het Haags Historisch Museum en het Gemeentearchief om de gevolgen van de coronacrisis in het Haagse straatbeeld vast te leggen, nu te zien in de tramtunnel bij station Spui.” 

Giedo: “Het heeft mijn visie versterkt evenals mijn signatuur. Mensen herkennen mijn stijl inmiddels vaak in mijn werk. Waar twee jaar geleden mensen me vooral vergeleken met Martin Parr (wat natuurlijk geen schande is!), krijg ik nu steeds meer te horen: ‘een echte Van der Zwan’. Dit komt goed naar voren in mijn serie ‘Man bij Hond’, die afgelopen herfst bij Muzee te zien is geweest.”

Voor Merel draait alles om de liefde voor het fotograferen van het straatleven: “Ik werk nu aan een serie over de coronacrisis en hoe ik die persoonlijk ervaar als ik op straat ben. [Instagram Merel Schoneveld]

Het is een intens jaar geweest wat dat betreft. Mijn ambities blijven onveranderd. Exposities, publicaties, succes en dergelijke, dat is niet mijn drijfveer. In sommige gevallen is dat wel een leuke bijkomstigheid, zoals met de tentoonstelling in Panorama Mesdag.

Wat ik wil is deze tijd waarin we leven blijven vastleggen met de hoop dat ik gaandeweg beter word en mijzelf blijf uitdagen om de grenzen op te zoeken en te blijven groeien. Na vier jaar is die liefde voor wat ik doe onverminderd en ik kan mij ook niet voorstellen dat dit zal veranderen.”

Mirjam heeft naast haar fotografie een baan in de psychiatrie, een zware combinatie, zeker omdat ze ten tijde van CANDID ook nog ging scheiden en alleenstaande moeder werd. “De verhuizing en alle rompslomp gaven veel stress. Maar door dit hele proces ben ik gaan beseffen dat mijn liefde voor de mens toch echt groter is dan mijn liefde voor de kunst. Mijn focus ligt op een persoon en zijn emoties en gedachten. Het beeld dat ik maak is dan toch ondergeschikt. Maar juist daardoor heb ik ontdekt dat portretten en documentaire fotografie echt mijn voorkeur hebben [Mirjams website].

Ik kan mezelf hier nu beter bij neerleggen in plaats van dat ik blijf zoeken naar een perfect esthetisch beeld. Ook heb ik geconcludeerd dat mijn werk in de psychiatrie voor mij onvervangbaar is en op de eerste plaats zal blijven staan.”

Sandra kan zich geen toekomst zonder fotografie voorstellen, “al weet ik wel dat het heel moeilijk is om er een goed inkomen mee te verkrijgen. Ik ga ervan uit dat ik altijd wel andere dingen, zoals redactiewerk – wat ik ook graag doe – ernaast zal blijven doen.

Tenzij ik toffe kopers vind voor een kunstproject waar ik pas mee ben gestart, www.driekunstenaars.nl, Ik kom bij mensen thuis met mooie fine-art kunst in gelimiteerde oplage en exposeer dat ook in pop-up locaties. Alleen, tja, er zit nog even een crisis in de weg…”

Ook Giedo blijft zijn ingeslagen pad volgen: “Ik wil mijn signatuur perfectioneren. Ook ben ik bezig om mijn visuele stijl toe te passen op commercieel werk. Ik help bedrijven vaak bij hun externe profilering. Dat gaat vooral strategisch, maar mijn fotografie kan zomaar een extra factor zijn om bedrijven daarbij te helpen.””

Ongetwijfeld zullen ze samen blijven fotograferen en wie weet zit er wel een CANDID vervolg in.